Brand'Nieuw'statuut: Fysieke paraatheid opgenomen in de lijst voor tweede lezing

Fysieke paraatheid vormt een basiscompetentie voor elke operationele brandweerman. Als uitgangspunt geldt een gelijke aanpak tussen beroeps of vrijwilligers en zeker ook tussen man of vrouw.

BVV ondersteunt het principe van taakgerelateerde testen, leeftijdsgebonden criteria en periodieke evaluatie maar wenst te benadrukken dat de omkaderende en begeleidende maatregelen absoluut noodzakelijk zijn voor een geslaagd fysiek beleid.

In die zin is BVV verheugd te vernemen dat de artikels met betrekking tot de fysieke paraatheid opgenomen zullen worden in de tweede lezing door de Ministerraad.

Eén van de belangrijke aanpassingen komt tegemoet aan de vraag om een aanvaardbare overgangsperiode te voorzien. Uitgaande van het feit dat het statuut van kracht zal worden per 1 januari 2015, zal de eerste test van de tweejaarlijkse fysieke testen, immers pas plaats hebben

  • na 1 jaar voor zij die tussen 18 en 39 zijn (geboren zijn in 1976 of later),
  • na 2 jaar voor zij tussen 40 en 49 zijn (geboren tussen 1966 en 1975),
  • na 3 jaar voor zij tussen 50 en 55 zijn (geboren tussen 1960 en 1965)
  • na 4 jaar voor zij die ouder dan 55 zijn (geboren in 1959 of vroeger)

Bovendien zal de eerste test als nulmeting beschouwd worden.

Dat betekent dat de eerste test met gevolg pas na 3 jaar (2018), 4 jaar (2019), 5 jaar (2020) of 6 jaar (2021) plaats zal vinden. BVV vindt dit een aanvaardbare overgangsregeling.

Een andere belangrijke wijziging die naar de tweede lezing verwezen wordt is het schrappen van het uiteindelijk ontslag. Wie na een begeleid herkansingstraject, alsnog niet slaagt in de fysieke testen maar medisch geschikt beoordeeld wordt, komt in aanmerking voor reclassering en wordt niet langer ontslagen.

BVV overlegt ook met de wetenschappelijke medewerkers die de test bij aanwerving hebben ontwikkeld. We vragen hen om, op basis van hun onderzoeksgegevens, slaagpercentages te bepalen in functie van de gestelde normen/criteria. We moeten er immers zeker zijn dat de test bij aanwerving geen “bottle neck” kan vormen voor de toekomstige werving van nieuwe brandweermannen, beroeps of vrijwillig. De ingangsproef mag geen trechter zijn met weinig geslaagden, terwijl de onderhoudstesten (tijdens de loopbaan) veel hogere slaagkansen hebben.

Tot slot vraagt BVV expliciet aandacht voor de begeleidende maatregelen (supervisie door een sportdeskundige, trainingsprogramma, infrastructuur) die voorzien zijn in het ontwerp van administratief statuut.

Fysieke paraatheid is een doorlopende opdracht die van alle brandweerlieden constante aandacht vraagt, ook buiten hun diensttijd. Zonder een krachtige en intense omkadering is het niet correct om fysieke geschiktheid gedurende een ganse loopbaan van brandweerlieden te eisen. De zonale besturen moeten hier dan ook hun verantwoordelijkheid ten volle opnemen.





Terug